Carbonatatie van kalk

Bouwen met duplicaten van historische luchtkalk is een voor hedendaagse begrippen langzaam proces. Dit in tegenstelling tot ”moderne” cement, een snel uithardend bindmiddel dat binnen een paar dagen het grootste deel van zijn volledige sterkte bereikt, hard kalk relatief langzaam uit. Door opname van CO2 uit de atmosfeer wordt de gebluste kalkmortel omgezet in kalksteen. Dit proces van verharden noemen we de carbonatatie van kalk.

Carbonatatie van kalk begrijpen

Belangrijk bij verwerking van kalkmortels is te beseffen dat drogen en carbonateren twee verschillende processen zijn, alleen omdat een kalkmortel droog is, betekent dit niet dat deze is gecarbonateerd. Drogen is slechts het proces waarbij vocht uit de mortel is onttrokken, terwijl carbonatie de absorptie van Co2 uit de atmosfeer waardoor de kalkmortel zijn kracht krijgt. De carbonatatie van luchtkalk kan alleen plaatsvinden in de aanwezigheid van water. Het kan jaren duren voordat een nieuw aangebrachte kalkmortel zijn volledige sterkte heeft bereikt.  Als kalkmortel droogt of verbrand voordat voldoende er carbonatatie van de kalk heeft plaatsgevonden kan er scheurvorming optreden. Daarom is regelmatig nevelen met water en bescherming tegen de wind en zon en extreme temperaturen cruciaal bij het controleren van dit proces.

Eeuwige Co2 opname

Hoe dikker de afwerklaag is, hoe langzamer deze uithardt. Doordat de buitenzijde van een constructie veel makkelijker CO2 uit de atmosfeer op kan nemen, hardt deze veel sneller uit dan de binnenzijde. Voor de metersdikke muren uit middeleeuwse bouwwerken zoals kerken en kastelen betekent dit dat de binnenzijde nauwelijks uithardt. We spreken dan over een relatief geringe carbonatatiediepte. Bij onderzoek en analyse door onze specialisten aan 5 meter dikke kasteel muren uit 1415 blijkt de kalkmortel op anderhalve meter diepte nog taai en soepel. Doordat de constructie nog niet helemaal volledig is uitgehard, behoudt de kern van de muur een grote vervormbaarheid en elasticiteit. Dit betekent dat wanneer het metselwerk zich na de bouw nog zet, deze verschuivingen en vervormingen veelal worden opgevangen zonder te scheuren. 

Daarnaast is kalk – ook wanneer het volledig is uitgehard – vele malen flexibeler dan cement. [foto]

Bovendien kent kalk een zelfherstellend vermogen: in de traditioneel gemaakte kalkmortel bevinden zich vrijwel altijd klontjes, kalkreservoirs die niet volledig met CO2 in aanraking komen, en dus niet uit harden. Wanneer in de mortel haarscheurtjes ontstaan die de kalkklontjes bereiken, worden deze scheurtjes opgevuld met de kalkdeeltjes die uit aanwezige reservoirs spoelen. Door opname van CO2 harden de kalkdeeltjes uit en dichten de haarscheurtjes.

Iedere kalkmortel is uniek

Door gebruik van de lokaal aanwezige producten en recepturen zijn de bijzondere technische eigenschappen bij ieder object uniek en verschillend. Bij herstel of onderhoudswerkzaamheden dient een restauratie kalkmortel dus compatibel afgestemd te zijn op de aanwezige materialen.

Meesters in kalk

Het werken met kalkmortels is niet heel moeilijk maar vraagt in de voorbehandeling en nazorg wel wat vakkennis. Alle materialen die je daarbij helpen tot een goed resultaat zijn bij ons verkrijgbaar, van jute afscherming tot veiligheidsbrillen. Ben je niet bekend met kalk producten maar beschik je wel over enige vakkennis en wilt graag zelf aan de slag lees dan de HANDLEIDINGEN goed door of volg een introductie workshop werken met kalk. Voor specifieke werkzaamheden of bij restauraties geven wij desgewenst ook een masterclass op locatie afgestemd op het object en de wensen.

Download handleiding in PDF